Wij zijn Jos & Marja

Our trips have been great experiences, which we want to share with you.

Sudan I Nubia 3e Cataract

Dongola: 25.01.2020
In Sudan zijn de rest van de reis onderweg met 7 auto’s met chauffeur, 1 pick up met kok en hulpkok en extra onze Sudanese gids Mussa.
In elke auto 3 passagiers, niet meer 4 zoals nog de vorige reis.
Sjoerd had daarover geklaagd en gezien vooral de offroad trajecten is dit wel heel fijn!
De eerste morgen in Sudan kijken we nog kort rond in Wadi Halfa, gaan dan over de asfalt weg richting zuiden.
Bij de ferry aangekomen die ons naar het Sai eiland overzet gaan we eerst lunchen. Onze eigen keuken crew heeft een verrassend lekkere en royale maaltijd klaargemaakt. In 2 keer gaat het dan naar de overkant
We bezoeken de eerste historische monumenten, je moet goed kijken om er wat te zien.. en komen daarna bij onze zeer eenvoudige guesthouses. Het is niet meer dan een kamer met een bed. Buiten een wc en koud water. Een stel van onze groep werd zelfs in de echtelijke slaapkamer ondergebracht.
De volgende morgen de zelfde weg terug, weer met de ferry.
Een stukje verder naar het zuiden nemen we weer een andere ferry en gaan op weg naar de Tempel van Soleb, gedeeltelijk offroad.
Aan het eind van de middag komen we daar aan, rijden eerst een stukje verder om de Tempel van Ty te bekijken en gaan dan terug naar de Tempel van Soleb. Nog net voor zonsondergang zijn we daar. Gelukkig ligt ons Guesthouse maar een paar honderd meter verder. Het is weer een zeer eenvoudig onderkomen. Sommige kamers hebben een zand vloer. Wij hebben gelukkig een cement bodem. Er is al genoeg zand overal om ons heen…
De volgende morgen rijden we een klein stukje verder naar een rots-duin waar je op kunt klimmen voor een mooi uitzicht over de Nijl.
Dan gaat het weer terug naar dezelfde ferry. Onderweg nog even bij de resten van de Tempel van Sesibi langs.
Het is vrijdag en om 12 uur is het gebeds tijd en ligt de ferry een uur stil. Gelukkig zijn we er net voor twaalven en komen we er weer in 2 keer allemaal over.
Verder off-road naar het 3e cataract, op de hoge oever hebben we weer een mooi uitzicht. Daarna bekijken we nog wat rotsschilderingen en komen net voor zonsondergang aan op onze kampeer plek, mooi gelegen aan de voet van de zwarte rotsen. Het kamp is in de korts mogelijke tijd opgezet. 3 auto’s in U opstelling, daarvoor mooie gekleurde doeken tegen de wind en in het midden de lange eettafel.

Ook hier weet de keuken ploeg een heerlijke maaltijd te serveren. Na een goede nachtrust in het kleine tentje staat er de volgende morgen ook weer een heerlijk ontbijt klaar. We rijden door meerdere Nubische dorpen met hun mooie lemen huizen waarvan de hoeken net wat schuin staan. Bekijken de petroglieven bij Tombos waar ook het niet afgemaakte standbeeld van farao Tharaqa er wat verloren bij ligt.

In heel Nubie is er nog relatief weinig aandacht-bewustzijn voor hun archeologische monumenten. Veel is er van lemen bakstenen gemaakt en dus gevoelig voor de weersomstandigheden. Ook zijn er vroeger veel van de stenen van de monumenten gebruikt voor het bouwen van huizen.
In Kerma hebben we tijd om rond te kijken op de markt en eten we er, waarna we naar het museum rijden dat naast de restanten staat waar 3000 jaar geleden het eerste Nubische koninkrijk werd gesticht. Ook staat er de Defuffa, een imposante lemen constructie waarvan niet duidelijk is wat de functie was.

Veel voorwerpen uit dit museum waren vorig jaar in het Drents Museum in Assen te zien. in Kerma zouden ze eens wat meer met een poetsdoek moeten rond gaan, je kunt zien dat er geen geld is en matige interesse voor hun kunstschatten.

We slapen deze nacht in een “resort” of te wel ieder heeft een hotelkamer met terrasje waar we lekker in de zon zittende de dag aan ons voorbij laten gaan.

Sudan I Nubia 6e Cataract

Khartoum: 01.02.2020
De volgende morgen gaan we de brug over de Nijl over naar Dongola, een levendig stadje waar we een uurtje rond lopen over de markt.Na de koffie weer terug over het water op weg naar Oud Dongola.
Oud Dongola was eerst niet meer dan een fort maar later werden er huizen, paleizen en kerken gebouwd.
Het meeste is in de 14e eeuw door de Arabieren verwoest. Aan de rand, in de woestijn ligt de islamitische begraafplaats met enige grote eivormige koepelgraven
De dag is bijna ten einde en we rijden de woestijn in, in een mooie kom tussen de duinen is de plek waar we overnachten.
Zo ongeveer de mooiste plek om jarig te worden! Morgen word ik 66!

Onze attente Sjoerd wist dat ik jarig was dus mijn stoel was versierd en een klein cadeautje was er ook, daarvoor nog mijn dank.

De volgende stop is het dorp El- Kurru, hier waren de Koninklijke necropoli van de Nubische hoofdstad. er zijn nog enkele Pyramides en we konden in een graftombe afdalen. Ook hier ligt er alles open en bloot bij. Alleen een deel waar Amerikanen onderzoek hebben gedaan is afgesloten en voorzien van een dak.
Onderweg nog een kort bezoek aan het versteende woud, dan lunch in de stad Karima. We gaan naar de ruïnes van het Ghazali Klooster, hier waren nog niet zo lang geleden door Poolse archeologen opgravingen gedaan en voorzien van stenen met tekst. De meesten waren al weer kapot gemaakt, waarschijnlijk door de plaatselijke bewoners..
We overnachten 2 nachten in het meest luxueuze hotel op deze reis op een groot complex met restaurant, zwembad enz. Functioneert natuurlijk allemaal niet. Scheint gebouwd te zijn voor de militairen…
We eten s’avonds in het guesthouse waar onze crew is ondergebracht.
De andere morgen blijven we in de omgeving van Karima, eerst naar de ruïnes van Jebel Barkal.
Hier is een Italiaanse ploeg archeologen bezig met restauraties van een tombe.
We bezoeken ook het pyramide veld. Hier zijn de Amerikanen bezig met opgravingen. Dit kan alleen in de 4 wintermaanden omdat het daarna te heet wordt.
Op naar de Nijl, een boot zet ons over naar een klein eilandje waar we we lekker te eten krijgen. Ook hier neemt onze eigen crew alles mee.Daarna ontspannen we ons nog een beetje en gaan dan met een andere boot nog wat rond varen.

De dag loopt ten einde en we rijden weer naar Jebel Barkal, wie wil beklimt de Tafelberg om van daaraf de zonsondergang te bewonderen. Ik vind dat je het beneden net zo goed kan zien…of zelfs nog mooier…wij zien de zon achter een pyramide ondergaan

Vandaag hebben we een lange rit voor de boeg, meer dan 500 km naar Meroe, eerst een gedeelte asfalt, maar dan gaan we van de weg af, off-road naar de Atrun krater. En dat was best een heel eind. In deze krater wonen nomaden die door verdamping zout en mineralen winnen.
Een heel arm en moeizaam bestaan.
De lunch wordt weer door onze kok verzorgd bij een “wegrestaurant “ In de middle of no where.
We komen eindelijk meer in de bewoonde wereld en het wordt drukker op de weg. Een korte stop voor een illegale tank beurt.
Kort voor zonsondergang komen dan bij de pyramides van Meroe.
Dit is niet zo ver van Khartoum en er komen dus meer Touristen. Het gehele komplex is voorzien van een hek en er is een nieuw entree gebouw met toiletten.
Wij kamperen hier net om de hoek. Het grootste deel van de groep gaat de pyramides bekijken, maar ik geloof het wel en ga naar het kamp waar onze chauffeurs druk bezig zijn de tentjes op te zetten. Dit omdat het al snel donker zal worden doen zij het deze keer voor ons. Als Jos dan terug komt is zijn bedje al gespreid..
Wie wil kan de volgende morgen nog een keer gaan kijken. Daarna met de auto naar het bezoekerscentrum dat aan de asfaltweg is gebouwd.
We gaan verder richting Naga. Er is geen behoefte nog weer een markt te bezoeken dus rijden we door en bezoeken eerst de leeuwen tempel. De lunch is daar vlakbij bij een schooltje waar ze een feest vieren met live muziek met de geluidsboxen op volle sterkte. Er wordt gedanst, een paar van ons doen mee.. gelukkig stoppen ze als wij gaan eten.
Verder naar de Tempel van Naga en de Romeinse kiosk.
Wat leuker was om te zien was de waterbron waar met een leren zak getrokken door twee ezels het water 80 meter uit de grond werd gehaald. Dit was de drinkplaats van de kuddes uit de omgeving.
Op naar onze laatste nacht (dachten we) in Sudan, weer in de tent, hoewel wij liever waren doorgereden naar Khartoum wat maar 140 km verder ligt…
We bedanken op deze avond onze crew voor hun goede verzorging en samen maken we er een beetje een bonte avond van.
De laatste morgen(dachten we) op tijd opstaan en naar Khartoum. Eerst naar het nationaal museum. Weer een museum waar aan alle kanten te zien is dat het geld ontbreekt. Achterstallig onderhoud en ook hier kennen ze geen poetsdoek..
Een korte boottocht naar het punt waar de witte en blauwe Nijl bij elkaar komen. Onderwijl eten we een broodje falafel.

Dan naar ons hotel om na twee dagen kamperen eindelijk een frisse douche te nemen. Een uurtje later dan weer op weg naar de dansende derwisjen

.

Ik houd dat voor gezien. Als ze terug zijn is er nog een uurtje tijd om de koffers te pakken voor we richting restaurant vertrekken om dan na het eten naar het vliegveld te gaan vanwaar we om 0.30 uur hopen te vertrekken.
Na een lekkere luxe maaltijd zijn we om half tien bij het vliegveld. Het is er niet zo groot dus de wachthal is buiten en je mag pas naar binnen als je vlucht klaar is om in te checken. Na een half uur kregen we te horen dat we minstens tot 12 uur moesten wachten voor we naar binnen mochten.
Verder geen informatie… om een lang verhaal kort te maken, onze gidsen naar het kantoor van Türkisch Airlines… komen terug, Vlucht gecanceld, we vliegen nu morgen om 12 uur. En omdat we toch onze hotelkamers nog hadden wij dus weer terug. Na een nacht lekker slapen in een goed bed en een lekker ontbijt weer naar het vliegveld. Hier was het lekker rustig en liep alles gesmeerd zodat we om 12 uur, nou ja drie kwartier later…
vertrokken naar Istanbul. Die avond waren we weer terug in Berlijn na een hele mooie en vooral in Sudan avontuurlijke vakantie.

Egypt I Cairo-Luxor

Aswan: 18.01.202

Eigenlijk wilden we in 2013 onze wereldreis beginnen door van Berlijn naar Kaapstad te rijden.
Toen werd het onrustig in Noord Afrika en begonnen ze te vechten in Syrië.
Daarom zijn wij toen begonnen in Zuid Amerika.
Nu 7 jaar later is het wel weer mogelijk om van Egypte zuidwaarts te rijden.
We kregen in 2019 de nieuwe Djoser gids en daar stond een rondreis Egypte -Sudan in en dat leek ons wel een goede mogelijkheid om te zien het het daar nu is.
We zij al meermaals met een groepsreis van hun mee geweest en hebben daar goede ervaringen mee.
Dus geboekt en op maandag 13 januari vliegen wij naar Istanbul, stappen daar over op de vlucht naar Caïro waar ook de groep uit Nederland mee moet. En dat klopt, we treffen elkaar op het vliegveld aldaar bij de man met het bord „Djoser“ die ons door de douane lootst en ons overdraagt aan onze groepsleider Sjoerd.
Het is al later als we in ons hotel aankomen en we gaan naar bed, morgen vroeg op, dat is een Djoser principe….. dit is geen vakantie….
Het is fris in Caïro en ik ben blij met mijn nieuwe donzen deken die ik bij me heb voor het kamperen later in de reis, op het bed alleen een laken en een dun dekentje, Jos kruipt zelfs lekker in zijn mummie slaapzak ( zeer toepasselijk bij een bezoek aan Egypte)
Op onze eerste dag in Caïro gaan we met de metro naar de Koptische wijk.
Naast het metrostation is een groot complex van kerken, museum, kapellen en een Synagoge. Iets verderop staat een grote moskee.
Weer met de metro terug naar het centrum. Sjoerd neemt ons eerst mee naar de beste falafel tent van Cairo voor een snelle lunch en daarna naar het Egyptisch museum.
Overvol en stoffig, je kunt zien dat er de laatste tijd niet veel meer aan onderhoud wordt gedaan. Binnenkort gaat het nieuwe museum open, zeggen ze…
Dit staat vlak bij de Pyramiden van Gizeh.
s’Avonds gaan we met taxi’s de stad in, eten een soort Egyptische pannenkoek en maken een wandeling door de Suuq.
Vandaag naar de Pyramiden, maar eerst naar Memphis om het liggende beeld van Ramses II te bewonderen. Dan naar de trap pyramide van Djoser in Saqarah.
Na de lunch naar Gizeh, we hebben ruimschoots de tijd om daar rond te
Het meest indrukwekkende was voor ons de boot, helemaal gaaf en 4500 jaar oud!
Eind van de middag halen we onze bagage op en gaan naar het station. Om 20.00 uur nemen we de nachttrein naar Luxor, een luxe cabine voor ons tweeën, zelfs met wastafeltje.
Na een heel vroeg ontbijt zijn we morgens om 5 uur in Luxor
Afwijkend van het programma hebben we met zijn allen besloten, op voorstel van Sjoerd, direkt naar het dal der koningen te gaan. Dat was een goed idee, we waren de eersten. Konden mooi foto’s maken zonder al die Aziaten die na ons kwamen..
We bezoeken drie graven. Jos was hier 40 jaar geleden ook al en ziet nu de „vooruitgang“. We rijden met een treintje van de kassa naar de graven. De meesten hebben een mooi aangelegde entree.
Wat wel veel beter is nu is de verlichting, dank de LED zijn de tekeningen en inscripties heel mooi verlicht.
Ook naar de Tempel van Hatsjepsoet gaat het met een treintje. Er is veel gerestaureerd, de meningen zijn er over verdeeld of dit een goede zaak is, je ziet nu hoe het was, of dat men de ruïnes laat zoals het was.
Aansluitend naar Deir el-Medina, de plek waar de arbeiders woonden die de graven in de rotsen hebben uitgehakt. De twee graven van de hoofdwerklieden waren de moeite waard om te zien.
Nog even voorbij bij de Memnonkolossen waar ik mijn kleine teen open haal, niet aan een oude steen maar aan een betonnen drempeltje…..
Met lunchtijd waren we weer in het hotel en kon iedereen zijn eigen gang gaan. We zijn eerst wat gaan eten, dan wat uitrusten en toen gaan rondlopen. De Luxor tempel lag tegenover het hotel, hebben we van achter de hekken bekeken, verder langs de Nijl richting museum. Dat was nog dicht tot 5 uur, dat duurde ons te lang dus hebben we dat maar gelaten.
De volgende morgen naar de Karnak Tempel.
Met de boot over naar de westkant van de Nijl om daar te lunchen. Daarna kwam een groot deel van onze groep ook daarheen om te gaan fietsen door de velden.
Sjoerd weet de weg en bijna in race tempo gaan we over kleine weggetjes, door dorpen waar we de bezienswaardigheid van het jaar waren naar de tempel van Ramses III bij het dorp Medinat Habou. Bijna geheel intakt maar wordt bijna niet door Touristen bezocht.
Na onze avond falafel naar bed en de volgende morgen weer vroeg op. Een mooie grote bus
staat klaar om ons naar Aswan te rijden.
We stoppen onderweg bij de tempel van Horus in Edfoe. Vanwege de lange afstand vandaag is er geen tijd om te lunchen en terwijl wij de tempel bekeken heeft Sjoerd voor iedereen falafel gehaald.

 

Egypt I Aswan-Wadi Halfa

Wadi Halfa: 21.01.2020
Aan het eind van de middag zijn we in Aswan. Onderweg bezoeken we nog de Tempel van Horus in Edfoe, we hebben deze mooie tempel wel snel bekeken want we zijn een beetje tempel moe. We logeren in het mooiste hotel van deze reis in Egypte. Het heeft zelfs een zwembad maar helaas is de temperatuur zodanig dat een duik niet is aan te bevelen.
Dat is eigenlijk de hele tijd al zo, stralende zon maar koude wind!
Ook zit er direkt naast het hotel een koffie tentje met zeer goede Italiaanse koffie, waar we s’morgens en s’avonds onze behoefte bevredigen..
De volgende morgen gaat de groep naar de tempel van Isis op het Philae Island. Jos is daar al geweest en ik heb al wel genoeg tempels gezien. Wij brengen een bezoek aan het zeer mooie Nubisch Museum. Een goede voorbereiding op de rest van de reis in Sudan.
Met zijn allen in de boot naar de overkant waar we bij een Nubische familie gaan lunchen. daarna varen we naar Kitschener Island om de botanische tuin te bewonderen, vervolgens naar Elefantine Island voor een wandeling door een Nubisch dorp en drinken thee bij een familie die Sjoerd goed kent.
We varen terug naar Aswan terwijl de zon achter de duinen onder gaat.
Een mooie grote bus brengt ons verder door de woestijn naar Abu Simbel een afstand 300 kilometer waar we aan het eind van de middag aan komen.
Direkt naar de tempel van Ramses II, ook hier is er in vergelijking met 40 jaar geleden veel veranderd.Toen kwam je met het vliegtuig, Was er geen dorp en kon Jos nog kijken in de Dome. loop je door wel gevoeld 50 souvenir winkeltjes over een mooi pad naar de tempels. Deze liggen er natuurlijk nog even zo mooi bij. Let op de foto, die lampen op de beelden.
Die avond dineren we met zijn allen in een restaurant.

De volgende morgen een kwartier voordat de veerboot over het Nasser Meer vertrekt krijgen we het sein dat de bus met ons er in kan vertrekken.
De boot brengt ons naar de overkant. Is er in Abu Simbel nog een haven, aan de overkant landen we in het zand. Nog 30 km rijden en we zijn bij de Soedanese grens.

Hier worden onze passen ingenomen voor de Departure tax en andere ..?.. wij mogen in het café gaan zitten wachten. Dit duurt…

Maar na een paar uur komt onze gids met de paspoorten. Nu moeten we wachten op het busje dat ons komt halen om ons naar de Sudanese grens te brengen.
De afstand is maar een paar honderd meter maar je mag dat niet lopend doen…
We wachten…en wachten… busje komt in 10 minuten…. busje komt in 10 minuten…na goed 3 uur komt het busje dan eindelijk…..was kapot zijden ze….
Bij de Sudanese grens moet je minstens 4 formulieren invullen en wachten op de visa.
Dit kan ook duren, maar gelukkig hebben ze dit veranderd en wordt de visa op het bureau in Wadi Halfa afgehandeld en kan de gids dat regelen.
Wij alleen nog met onze bagage in de chaotische hal door de scanner. We mogen voorkruipen en redelijk vlot zijn we er dan door.
Buiten staan 7 landcruisers op ons te wachten die ons naar het hotel in Wadi Halfa brengen en ook de rest van de reis ons vervoer zijn.

New Zealand I North Island

Geraldine: 30.01.2019

Na anderhalve dag in het vliegtuig staan we met 2 voeten in Auckland op Nieuw Zeelandse bodem. Goed 4 weken gaan we hier rond rijden, helaas niet met onze eigen auto maar met een gehuurde camper .
En om bij het verhuur bedrijf te komen is niet zo makkelijk. Geen enkele taxi chauffeur is bereid ons daar heen te brengen. Te dicht bij het vliegveld…
Na vele keren van het kastje naar de muur te zijn gestuurd blijkt er een soort gemotoriseerde riksja met aanhanger te zijn die de korte ritjes opknapt maar die moet je dus eerst maar vinden..
Goed, we zijn toch nog mooi op tijd bij het verhuurbedrijf. De campervan staat klaar en een uurtje later rijden we richting noord.
Twaalf jaar geleden is een collega van Jos met familie hier naar toe geëmigreerd.
We zeggen al jaren dat we op bezoek komen en nu is het dan zo ver.
Ze hebben ons al zien aan komen. Hun huis staat boven op een heuvel met een geweldig 360• blik. Hartelijk weerzien na 15 jaar en het is als de dag van gisteren.
Het wordt een weekend van veel kletsen, lekker plat proat’n en ouwehoeren..
We bekijken de bijzondere omgeving waar ze wonen en vinden het jammer dat het weekend zo snel voorbij is.
Maandag morgen dan op pad. Even wennen aan het links rijden.
Eerst naar het noorden , nemen een stuk toeristische route en overnachten bij Russel aan de Bay of Islands.
De volgende morgen weer terug naar Auckland, hier 20 km west daarvan naar de westkust bij Piha.
We moeten nu in 2 dagen naar het zuiden, maar Wellington rijden waar we vrijdag morgen vroeg op de veerboot naar het Zuidereiland moeten. We overnachten bij Lake Taupo en zijn de volgende avond in Wellington.

Athenree: 17.02.2019

Na 3 weken reizen op het Zuider eiland nemen we weer de veerboot ons weer terug brengt naar Wellington op het Noorder Eiland. We rijden snel verder naar Martinborough waar we ook een wijngoed willen bezoeken op aanraden van onze Berlijnse buurman. Nog net op tijd komen we daar, en ja het was de moeite waard.

Het plaatsje zelf leeft van de wijn, heeft een leuk centrum met nog oude gebouwen . We drinken wat op een terras
en gaan terug naar de warme camping om dit verhaal af te maken

 

Auckland: 19.02.2019

Van Martinborough gaan we door het binnenland naar het noorden.
Een mooie route door de heuvels. Maar na 3 uur links rechts op en af en maar 100 km verder houden we het voor gezien en nemen verder de hoofdweg .
We halen Napier net niet en overnachten op een oude, eenvoudige camping in Waipawa.
Zaterdagmorgen mooi op tijd rijden we Napier binnen. De stad is bekend om zijn Art Deco gebouwen. Het is vrij druk en de binnenstad is afgezet. Vinden gelukkig een parkeerplek, wat niet zo gemakkelijk is met dat lange ding.
Oude auto’s en verkleedde mensen in de straten. Is het die dag Art Deco festival .
Na een uurtje hebben we het wel gezien en rijden verder weer naar Taupo en vandaar richting Rotorua.
Nog voor die stad waar het zeer toeristisch is vanwege de vulkanische activiteiten rondom zoeken we een camping.
Zondagmorgen dan naar de Waimangu Vulcanic Valley. We lopen rond, het is nog vrij rustig omdat de meeste bezoekers eerst naar de gyser gaan die 1x keer per dag om 10.15 uur spuit.
Als wij klaar zijn en naar de parkeerplaats lopen stroomt die net vol met de mensen van daar.
Door naar het noorden, een camping bij Athenree, Waihi, met hot pool lijkt ons wel wat..
Langzaam richting Auckland met een omweg zigzaggen en huppelen we via weg 25 naar de camping in Miranda voor onze laatste campernacht.
Morgen dan de camper afgeven, nog een nacht in Auckland centrum en dan woensdag via Singapore, Amsterdam weer naar Berlijn.

New Zealand I South Island

Arrowtown : 02.02.2019

Picton bereiken we na 4 uur varen.
Als we van de boot komen slaan we direct rechts af en rijden de mooie route langs de Marlborough Sounds. Lunchen met de voetjes bijna in het water en eindigen de eerste dag op het Zuider Eiland in het stadje Nelson. Maken een avond wandeling langs het mooie strand en slapen lekker ondanks dat de camping aan het einde van de startbaan ligt van het plaatselijke vliegveld.
De volgende dag gaan we een klein stukje verder op aan de Tasman Bay naar Marahau. Het uitgangspunt voor wandelingen en kajak toeren in het Abel Tasman N.P.
We boeken een kajak toer voor de volgende dag.
Het wordt een hete dag die 27e januari, mijn 65e verjaardag! Mooi vroeg stappen we in de watertaxi die op de aanhanger met tractor naar zee rijd en ons over het nu brede strand, eb, naar het water brengt.
Na een half uurtje varen komen we bij een mooi strand waar de boten klaar liggen.
Onze gids Tobias gaat ons voor, we varen om Tonga eiland, en tegen lunchtijd zijn we bij ons eindpunt. Met de watertaxi weer terug. De rest van de dag uitrusten bij 35 graden in de schaduw…

Nu naar de westkust, bij Westport nemen we een stukje van de weg naar het noorden. Overnachten bij het oude schooltje van Seddonville waar het schoolplein is veranderd in een camping.
De volgende morgen gaan we weer terug naar Westport. De omgeving hier is niet zo interessant . Het gaat nu langs de westkust zuidwaarts. Koffie drinken aan een mooie inham.
De weg langs het Paparoa National Park en de zee bied zicht op een mooie ruige kust aan de ene en tropische beplanting aan de andere kant.
Na Greymouth nemen we de weg over Arthur’s Pass, slapen op de camping Klondyke Corner met zicht op de bergen rondom ons.
We gaan nu oostwaarts , deze kant van de Pass is mooier dan de andere kant.
Brede rivieren stromen traag door het dal. Eindelijk een stukje Nieuw Zeeland wat een beetje aan onze verwachting voldoet.
Langs de oostkant van de bergen gaan we door een vlak landbouw gebied naar Geraldine. Een kleine stad camping met internet geeft ons de kans onze website bij te werken. Morgen gaan we richting de echt hoge bergen….

 

 

Arrowtown : 03.02.2019

Van Geraldine gaat het via Lake Tekapo en van daar naar Mount Cook.
Wat de natuur bederft begint het er eindelijk op te lijken zoals we ons het hier hadden voorgesteld .
Alpine bergen met witte gletsjer toppen.
Twee nachten blijven we hier. Dat is maar goed ook want we hebben de eerste echte regen uren van deze vakantie. Gezellig in de camper een boek lezen is in deze situatie wat comfortabeler dan in de Defender..
Richting Queenstown. We bekijken onderweg wat “clifs” gaan over de Lindis Pass en arriveren aan het eind van de middag in Arrowtown.
Arrowtown is een oud goudmijnstadje dat mooi gerestaureerd is. Het heeft ook een “ Chinatown” navenant is 90% van de toeristen Chinees .

Vanmiddag naar Queenstown geweest.
Het toeristencentrum van het zuider eiland. Het was

er dan ook behoorlijk druk, en ik heb nog nooit zo veel buitensport winkels bij elkaar gezien.
Queenstown staat bekend om zijn extreem sporten. Het bungy springen is hier uitgevonden. En ze bedenken nog steeds nieuwe dingen. Het ligt heel mooi  tussen de bergen in het midden van een lang, krom meer.

 

Dunedin : 07.02.2019

Van Queenstown rijden we naar Te Anau aan de Zuid-West kust. Bijna de hele weg staat er een harde tegenwind en Jos heeft beide handen nodig om de te lange campervan op de weg te houden.
Te Anau is het uitgangspunt voor cruises op de Sound’s, de fjorden van Nieuw Zeeland.
We vinden nog een plek op de camping midden in het stadje waar de wind iets minder te keer gaat.
De meeste toeristen, we telden op de terugweg meer dan 20 bussen, gaan voor een rondvaart over de Milford Sound.
Wij boeken de Doubtful Sound boot-bus toer. Vanuit het stadje Manapouri, eerst een uur boot op het meer, dan een half uurtje bus door het regenwoud en dan weer op de boot tot de monding van de Doubtful Sound, en weer terug.
Een hele dag ben je zo bezig en het mooiste was de bustocht over de smalle gravel straat tussen de hoge wanden van groene varens en bomen.
Door het glooiende agrarische landschap rijden we dan van de west- maar de oostkust, naar Dunedin. We troffen op de boot een heel aardig ouder echtpaar dat hier vandaan kwam en ons aanraadde de oostkust te nemen terug naar Picton.
De man had in de jaren zestig gewerkt bij het bouwen van de elektriciteit centrale die aan het begin staat van de weg tussen het Manaputi meer en de Doubtful Sound.
In Dunedin is de eerste camping die we opzoeken vol, het is 6 februari, nationale feestdag. We gaan door naar de volgende en daar is genoeg plek en ligt ook nog eens aan het strand en aan het begin van het schiereiland waar we morgen naar toe moeten voor de Albatrossen en de Blauwe Pinguïn.
Dus daar naar toe, mooie weg over de kam zodat je naar beide zijden blik hebt over het water. Aan het eind dan een bezoekers centrum waar blijkt dat je de vogels alleen onder begeleiding van een gids kunt bekijken en dan ook nog eens zo’n € 38,00 p.p. kost. Dat is me dan echt te gortig!
Jos heeft een hele mooie camera met een hele goede, dure telelens en het lukt hem daarmee een paar mooie foto’s te maken van Albatrossen. De pinguïns laten we maar voor wat het was… in Argentinië liepen we tussen duizenden van, wel een ander soort, pinguïns wat een geweldige ervaring was die ze hier dus toch niet kunnen toppen..
Over de mooie slingerende kustweg direct langs het water terug naar de camping.

 

Athenree: 17.02.2019

Van Dunedin de hoofdweg langs de kust richting Christchurch. We kunnen een kleine omweg langs het strand nemen waar we lunchen en komen dan in Oamaru weer op de grote weg. Oamaru was eens een bloeiende havenstad en daarvan getuigen nog wat oude gebouwen aan de haven. Een leuke straat met nu natuurlijk cafés en oude rommel winkeltjes… best leuk om even oor te lopen. We gaan verder en overnachten in Timaru. De andere morgen rijden we weer via Geraldine de toeristische route 72, dus weg van de snelweg, naar Christchurch.

We proberen eerst maar de camping het dichtst bij het centrum, omdat we vroeg in de middag daar zijn hebben ze nog een paar plekjes, wel in de volle zon en het is heet! Maar we nemen het toch maar. Dit is ook een camping dicht bij het vliegveld en dus een plek waar de komers en gaaners hun eerste cq laatste nacht door brengen.
Ook komen er ‘ s avonds een hele groep die mee deed aan de Coast to coast wedstrijd. Fietsen, lopen , kayakken,
De camping was dus tot op de laatste centimeters vol. De tweede nacht hadden we gelukkig meer plaats..
Christchurch is een paar jaar geleden getroffen door een aardbeving die vooral het centrum verwoest heeft. Veel is al weer opgebouwd maar er zijn nog heel veel lege plekken. We hoorden dat dat vooral te maken heeft met verzekerings kwesties.
Ons volgend doel is de kustplaats Kaikoura. Gelukkig hebben we de mogelijkheid een andere route te NCMV dan de hoofdweg. Het blijkt dat dit een van de mooiste wegen door de heuvels en bergen is tot nu toe, en die staat niet in de reisgids . Een foutje volgens ons .
In Kaikoura kun je walvissen zien. Maar we waren te laat met boeken, alles zat vol. Dan maar niet .. Onderweg naar Marlborough hebben we kustweg genomen met mooie stranden en kliffen, onderweg noch een kolonie zeerobben gezien.

Wat wel leuk is is wijn proeven dus op naar onze laatste stop op het zuider eiland, het stadje Blenheim, het middelpunt in het Marlborough wijngebied.
We proeven wijn in een kleine kapel (!), op het wijngoed “Clos Henry”, een groot wijngoed “Branchett Estate” en lunchen bij de derde ” Saint Clair” die is gelukkig aan dezelfde weg als onze camping maar 3 km verder…

De wijnen van Marlborough met name de Sauvignon Blanc die we hebben gedronken vielen wat tegen, de Pino Noir was redelijk goed.

de volgende morgen vertrokken we vroeg van de camping om de veerboot in Picton te halen.

 

Canada I British Colombia

Summerland: 12.08.2018

We zijn in het zuidelijk deel van de deelstaat British Columbia, of te wel BC, en dat betekend terug in de bewoonde wereld. We willen het wat rustig aan doen maar we rijden op een hoofdweg en daar moet je wel met de stroom mee. 100 km is dan de norm en vooral voor een Defender is dat best hard.

We zijn blij als we na 200 km een andere weg nemen. Hier is het wat rustiger maar niet helemaal. Het is vrijdag en er staat een lang weekend voor de deur. Maandag is BC dag. Er zijn dus heel veel mensen onderweg. We komen op een klein resort waar ze nog wel een plekje voor ons hebben direkt aan het meer, dat wel. Maar de auto wel zo neer zetten dat we het uitzicht van de boven ons staande cabin niet beperken.. Dan wordt het echt gezellig want een familie heeft alle huisjes afgehuurd en er komen de nodige tenten en caravans voor een familie reünie, wij maken het ons ook gezellig met onze eigen cocktailbar, voor ons is een familiefeest natuurlijk geen probleem, gewend aan grote familie bijeenkomsten…. Als ik ga betalen is dit zo ongeveer de duurste plek tot nu toe en dat voor een “plumsklo” en geen douches…

Zondags gaan we verder en komen op de weg nr 1, ook zo druk met toeristen. Maandag dan zo snel mogelijk richting wat minder druk. Weg 31 naar het zuiden is gedeeltelijk nog onverhard dus dan valt veel verkeer af.

Ons eerste kopje koffie drinken we weer in de natuur, zoveel natuur dat er op 50 meter van ons opeens een beer de weg oversteekt. Even vergeten dat het berenland is hier…. Begin van de middag vinden we een plek op een natuur camping aan het Duncan Lake. Fijn die rust!

Een klein stukje verder, In het stadje Kaslo vullen we onze voorraad weer aan en zo’n 20 km verder op een kleine camping aan het hele grote Kootenay Lake rusten we een paar dagje uit.

Al een paar dagen is het zicht beperkt en dat komt omdat er veel rook in de lucht is vanwege de vele bosbranden. We wilden dat eerst niet geloven maar het werd ons een paar keer bevestigd dus nemen we het nu maar aan als waar.

We moeten toch verder, we slapen nog een keer op een natuur camping en een stadscamping in Vernon.

Dan gunnen we ons een paar dage vakantie in een mooi hotel in Summerland. Midden in het Canadese wijn en fruit gebied. We proeven de eerste wijnen, zijn nog niet al te enthousiast, bij het tweede wijnhuis zijn ze een stuk beter. Bij het derde willen we lunchen en proeven maar daar is het zo vol dat alleen Jos er een paar proeft. Terug naar het vorige wijngoed waar ze ook een goed restaurant hebben. We moeten even wachten maar daarna hadden we een uitstekende late lunch…

Nu zit ik op ons balkonnetje met blik ( hoewel beperkt want er hangt nog meer rook in de lucht dan gisteren) op het meer, na heerlijk geslapen te hebben in een bed dat dubbel zo groot is als onze auto.

Vancouver : 24.08.2018

Maandagmorgen vertrekken we weer, het zicht is nog slechter. Er zijn dit jaar weer veel bosbranden in BC momenteel zijn er ongeveer 50, BC is vast heel mooi maar we zien er weinig van vanwege de rook. We hebben voor ons doen een lange rit voor de boeg, het gaat over de snelweg naar Vancouver- Horseshoe Bay en we moeten erg wennen aan de snelheid. Bij Vancouver komen we in de eerste file sinds weken… Eind van de middag zijn we er, checken in in het motel en gaan kijken bij de haven waar de Ferry vertrekt naar Vancouver Island. Bootjes kijken is altijd leuk. Om 8.45 de volgende morgen zitten we dan op de Ferry. Ander half uur later zijn we in Nanaimo. Eerst boodschappen doen voor de komende 4 dagen dan richting Victoria. Er is maar 1 weg hier dus met een flinke vaart gaat het zuidwaarts. Als we halverwege zijn gooit Jos het stuur bij en zegt; moeten we eigenlijk naar een stad?

Nee dus, de natuur in lijkt ons leuker. Neef Wibe, die we over een paar dagen zien, had wat vertelt over een mooi meer hier. Kijken op de kaart, ja groot meer. Dan daar naar toe. We komen bij een grote NP camping waar natuurlijk een “full” bordje staat. Maar na enig aandringen hebben ze nog een plekje voor een nacht.Het is een echte familie camping en we hebben in weken niet zo veel kinderen gezien. Naast onze plek is het crossbaantje en de speeltuin. Kunnen we vast weer aan ze wennen… Bij het bekijken op de kaart is dit wel een ander meer maar minsten zo mooi.

Als we de kaart bestuderen blijkt dat we binnendoor kunnen naar de westkust. Wel over gravelwegen maar daar zijn wij niet bang voor. Zo gezegd zo gedaan. Een mooie route door de bossen, geregeld komen ons vrachtwagens tegen met boomstammen want bosbouw is hier een groot ding. Gelukkig zijn er af en toe natuurparken waar het oerbos nog aanwezig is.

We komen in Port Alberni en zien rook opstijgen. Wij kijken en zien een beginnende bosbrand, een helikopter is al aan het blussen. Op de terugweg gaan we nog even kijken en zien dat het gelukkig bij een klein stuk is gebleven. We gaan naar de westkust, hier is het nevel van zee die het zicht beperkt en het is fris. Het is hier behoorlijk toeristisch, ze komen allemaal om walvissen en orka’s te bekijken. Onder hen ook vele Nederlanders die we eigenlijk alleen in BC tegen tomen en niet in de rest van Canada.

De campings zijn dus ook vol maar bij de golfbaan is nog een plek. Nu weer richting Nanaimo, bekijken het oerbos waar wij toeristen in drommen een rondje lopen. We overnachten nog een keer op een hele kleine camping waar we ook weer de laatste plek krijgen en gaan de volgende morgen naar de Ferry die ons terug naar Vancouver brengt. Direct door naar ons hotel, dan de was doen in de  laundry er tegenover. Fris en schoon gaan we dan naar de tennisclub waar we de familie Wibe Wagemans treffen. Ze wonen net over de grens in Seattle en zijn hier voor een squash toernooi. Dochter Elena behaald de eerste plaats, de mannen Wagemans liggen er in de kwartfinale al uit. We hebben een hele gezellige avond met goed eten en een heel mooi uitzicht op Down Town.

Zondagmorgen de stad weer uit langs de kust naar Whistler. Nog steeds is het zicht beperkt en zien we niets van de mooie weg. In Whistler waren in 2010 de Olympische Winterspelen en is in de zomer  mountainbike paradijs. Het is er druk, zelfs de kleinste kinderen crossen je voorbij. De tweede dag wordt het helderder en zien we wat van de omliggende bergen. We huren een kajak, roeien het meer rond, en terug op de camping halen we de spullen van het dak want morgen gaan we terug naar Vancouver om de auto af te geven. De jerrycans hadden we er ‘s morgens al afgehaald en bij het recycling station afgegeven. We hebben ze de komende jaren niet nodig.

We gaan de zelfde weg terug en het zicht is beter dus zien we nu wat we op de heenweg gemist hebben en dat is de moeite waard! De bagage in het hotel afgegeven en door naar het bedrijf dat het transport van de auto verzorgd. Binnen een kwartier was de zaak geregeld en zaten we in een taxi terug naar het hotel. Ik had een kamer met bergzicht geboekt….. wel een heel mooi uitzicht op Down Town maar de achterliggende bergen hebben we tot op dit moment niet gezien.

Gisteren dan de stad in waar niet zo heel veel te zien is. Er is een klein oud gedeelte met als grootste bezienswaardigheid een stoomklok die elk kwartier een geluid produceert wat op het volle uur een korte melodie is. We lunchen uitgebreid en gaan naar het mooie aquarium om de dag vol te maken. Het eind van een hele mooie tijd in west Canada zit er op.

Morgen naar huis, en dat is ook weer best heel fijn!

 

Canada I Yukon

Quesnel : 02.08.2018

We moeten dezelfde weg weer nemen als op de heenweg, dus van Whitehorse terug naar Watson Lake.

Nu doen we dat in 1 dag. Net voor de afslag naar het zuiden, 20 km voor  Watson Lake overnachten we. Mooi vroeg op en dan om goed 8 uur, nemen we weg 37, de Cassiar  Hwy, naar het zuiden. Een mooie weg die met het profiel van het landschap op en neer gaat.

Nog voor 10 uur, koffie drinken tijd, zijn we bij het Boya Lake, ons aanbevolen door de “berendame” in Haines. De net vrijgekomen plekken op de camping liggen er mooi aangeharkt bij. We schieten plek 17 direct aan het water in en onder het drinken van een lekkere espresso kijken we elkaar aan en denken allebei het zelfde. Zo’n plek krijg je niet altijd, dus waarom niet een paar nachten blijven?  Jos is verkouden en kan zo mooi wat uitzieken

Het volgende doel is het plaatsje Stewart aan de kust. We overnachten eerst nog bij het Tatogga Lake Resort, een aanbeveling in de reisgids. Als we ons melden in het restaurant vraagt de eigenaar waarom we niet verder rijden, kan makkelijk, is nog maar net lunchtijd. We zeggen dat we er genoeg van hebben voor vandaag en graag hier willen blijven. Nou zoekt maar een plek… Dat doen we maar we begrijpen wel zijn reactie. De camping ligt er totaal onverzorgd bij en aan gratis kano’s aan het meer zijn er ook niet meer.

Toch blijven we, lunchen, en maken graag gebruik van het internet wat het wel weer redelijk doet voor deze afgelegen plek. Ik heb maar een email gestuurd aan de reisgids redactie dat ze deze aanbeveling moeten schrappen in de volgende editie

De volgende morgen weer lekker vroeg op weg, het is al een paar weken behoorlijk warm, dus hoe eerder we over zijn hoe liever. Een ander voordeel is dat je altijd op tijd bij een camping bent en er dan nog volop plek is. Zo ook in Stewart. We vragen om een mooie schaduw plek, een mooi hoekje onder de bomen waar geen Amerikaanse camper in past maar wel een Defender is dan voor ons. s’ Middags  de grens over naar het dorpje Hyder in Alaska wat alleen maar via Stewart te bereiken is, zonder Amerikaanse douane formaliteiten. Hier is de beroemde plek waar de beren de zalmen uit de rivier vangen.

De zalmen zijn er nu maar de beren?..Dus terug, maar als je Canada weer in wilt moet je wel je paspoort laten zien en dat terwijl je hier geen andere kant op kunt…

De komende twee dagen gaan we wat grotere afstanden rijden om een minder interessant stuk te overbruggen.

In het dorpje Houston rijden we de camping op en worden heel enthousiast in het Duits verwelkomt, “Berliner hier!”

De eigenaar is geboren Duitser, als 10 jarig jongetje naar Canada geëmigreerd, heeft dan eind jaren 80 zes jaar in Berlijn gewoond om zijn beroeps opleiding te doen. Maar uiteindelijk toch besloten terug te gaan. Het was dus leuk even bijpraten. Nu zijn we in het stadje Quesnel, hotel om de  website weer bij te werken . Vanaf morgen gaan we het weer rustiger aan doen.

USA I Alaska South

Grizzly Lake : 21.07.2018

Maandag morgen dan op weg  naar Seward. Eerst richting Homer tot aan het Russian River NP. We vragen aan de ranger of er beren te zien zijn, nou… er zijn er dit jaar nog maar een paar gemeld…

In de rivier wordt volop gevist, via een mooie trap en wandel stijger lopen we langs de rivier. Als we terug lopen zie ik aan de overkant van het water wat zwarts, jawel een beer. Hij verdwijnt helaas snel tussen de bomen. Een stukje verder dan opeens nog twee beren. Het geluk is met ons zal ik maar zeggen.

Hierna kunnen we dus op weg naar Seward, daar aangekomen rijen we ons in in de schaar van Campers die langs het water staan. Plaats gezekerd, nu naar de Exit Gletsjer, waar je vlak bij kunt komen….

Helaas, ook deze is zich aan het terugtrekken en er is niet veel bijzonders te zien. De volgende morgen om 10 uur vertrekken we met de boot voor een dag op het water.

Het weer is perfect, volle zon. We genieten van de besneeuwde bergen rondom, de gletsjers waar we dichtbij komen. En het mooiste is natuurlijk dat we eindelijk de walvissen zien waar we al 5 jaar naar uitkijken. Al die jaren waren we op de verkeerde tijd op de plek waar ze voorkwamen. Nu laten ze zich zien en 1 was er zo goed ons ook nog toe te lachen.

Voldaan gaan we aan het eind van de dag zonverbrand naar bed.

We moeten weer via Anchorage om dan naar het oosten af te buigen. We nemen de kans waar om de olie te laten verversen. Je neemt een hoofdweg, kijkt goed om zich heen, en dan lukt het weer een service bedrijf te vinden waar ze het direct kunnen doen. Wel moeten ze een filter bestellen maar die is er over een uur… die tijd gebruiken wij om te lunchen, een ijsje eten als dessert en dan is dat ook weer gepiept.

Onderweg naar Valdez overnachten we aan de Glenn Hwy op een een kleine camping waar we ons beddengoed wassen, de slaapzakken luchten en nog meer kleien dingen doen. We zijn halverwege onze reis dus dan mag dat ook wel een keer.

Als we verder gaan hebben we een groots uitzicht op de 3 hoge toppen van de Wrangell Mountains.

We gaan weer op de Richardson Hwy, naar het zuiden naar Valdez.

Het weer is ons nog steeds goedgezind en geeft ons een goede blik op de Worthington Glacier waar je bijna tot de voet met de auto kunt komen. Net over de Thompson Pass is een kleine natuur camping aan het Blueberry Lake . We duiken snel in de laatste vrije plek met rondom ons de bergen. Morgen gaan we dan wel naar Valdez…. De volgende morgen hangen de wolken om onze auto en ze begeleiden ons tot bijna aan Valdez. Hier valt niet zo veel te beleven, we wouden eigenlijk een dagje niets doen, maar de campings zijn camper parkeerplaatsen en het is nog steeds bewolkt dus besluiten we maar verder te gaan. In dit geval terug naar het noorden. Aan de andere kant van de pas schijnt vast weer de zon zei Jos….. en zo was het

Net na Glennallen slaan we rechtsaf de Tok Cut-of Hwy op waar we halverwege een kleine camping vinden.

We staan direct aan het meertje met blik op  Wrangell bergen, de zon schijn volop dus nemen we onze day off maar hier.

Geen bereik voor de telefoon maar wel internet dus een mooie gelegenheid alles weer bij te werken.

 

Whitehorse : 26.07.2018

Via Tok gaat het naar de Canadese grens en daarna via  Haines-Junction naar Haines. Dit ligt weer net over de grens in Amerika, in zuid Alaska.

De weg is weer boeiend en mooi. Net voor Haines is er een plek aan de rivier waar in het najaar duizenden adelaars komen, nu hebben we er 4 gezien… beter iets…

We zijn mooi op tijd in Haines en gaan s’ middags de kant op waar je beren moet kunnen zien.. we gaan tot het eind van de weg, genieten van het meer en de gletsjers en op de terugweg staan er mensen langs de weg te kijken. Jawel, we hebben geluk,

Moeder beer met 3 kleintjes loopt langs de rivier. Eerst zijn ze best wel dichtbij maar ze lopen van ons weg. We komen aan de praat met een dame die ook staat te fotograferen . Zij is van ene natuur organisatie en volgt deze berin al 14 jaren. Ze is de enige beer die al lange tijd op deze plek leeft, haar eigen territorium. Mooi dus dat we haar zien.

De andere kant van Haines bekijken we de volgende dag. Ook hier veel gletsjers aan de overkant van het water.
We gaan wat eten en dan naar de veerboot die ons naar
Skagway brengt. Er zijn veel auto’s die meewillen en het duurt dus heel lang voordat we vertrekken. Het duurt bijna nog langer om weer van de boot af te komen. Efficiëntie kennen ze hier nog niet. We zijn dus vrij laat en de campings vol. We worden doorverwezen naar een natuurcamping 10 km verder op. Weer een mooie route langs het water brengt ons waar we willen zijn. Ook hier lijkt alles vol maar we blijven toch maar een nachtje.

De volgende morgen een rondje door Skagway gereden. Het is helemaal opgeknapt in oude stijl. Het stadje wordt aangedaan door cruise schepen. Toen wij aankwamen lagen er 4, kun je nagaan hoe druk het er was. Het is dus meer Disney…

Dit doet ons besluiten hier niet langer te blijven en weer naar Whitehorse in Canada te gaan waar we op de heenweg ook waren. We moeten nu we naar het zuiden willen een gedeelte dezelfde route rijden dan op de heenweg en dit is nog geen 80 km om en een goede mogelijkheid om onze voorraad aan te vullen. Het is voorlopig de laatste grote plaats.

Na een dikke week slapen in de auto nu weer een nachtje hotel.

USA I Alaska

Cantwell Denali: 12.07.2018

De veerboot zet ons over de Yukon rivier en we gaan richting Alaska over ” de top of the world” hwy.  Ongeveer 100km goed berijdbare gravel weg over de kam van de bergen tot aan de grens met Alaska.

We mogen Amerika binnen als we eerst nog even onze vingerafdrukken afgeven en $ 6,00 p.p betalen…. ja ja, ze hebben het nodig daar want direct na de grens ligt er een mooie nieuwe asfaltweg die na 5 km ophoud en een zandweg wordt die me aan de weg door het oerwoud in Ecuador doet herinneren.

Chicken… ook een goudgravers nederzetting die nog gedeeltelijk in bedrijf is.

We treffen een oudere man ( 70 )die hier zijn vriend een paar dagen komt helpen graven.

Zelf doet hij dat werk op een boot voor de kust van Alaska waar hij tot 6 uur 

per dag onder water zand opzuigt. Amerika, het land waar je als gewone man wel moet blijven werken om aan de kost te komen.

 Via Tok naar Delta Junction waar we overnachten. De volgende morgen is het druilerig weer. Bij het tanken vertelde de jongeman aldaar dat het wel erg koud was voor de tijd van het jaar. Er lag verse sneeuw op de bergen. We rijden zuidwaarts de Richsardson Highway en passeren een aantal keren de grote olie pijpleiding naar Valdez en gaan de Denali Hwy op. Na 40 km is een Lodge waar we een kamer kunnen krijgen. We lunchen nog aan het meer in de zon maar kort daarna komen de wolken opzetten en begint het echt te regenen

Na die 40 km gaat het asfalt weer over in gravel die 160 km verder op de George Parks Hwy  uit komt.

En die weg is echt de moeite waard! Een van de mooiste wegen die we gereden hebben met fantastische vergezichten. Bijna aan het eind zien we het topje van de Mount McKinley tussen de wolken door.

 

Het weer is vandaag wat minder, zo ook het Denali NP. De plek waar alle toeristen naartoe gaan of naar toe worden gebracht met bussen en treinen.

Met je eigen auto mag je 26 km het park in, wil je verder moet je met een park bus. We hebben al zo veel gezien dat ons dat laatste niet bepaald aansprak.We vonden de weg de dag er voor, de Denali Hwy, veel mooier dan het stuk NP dat we zagen.

 

Anchorage : 15.07.2018

Nu gaan naar het zuiden. Nemen nog een kleine pas en komen in Palmer waar we overnachten. We nemen contact op met de familie bij wie  Roos 20 jaar geleden een highschool jaar heeft door gebracht. Toen nog in de state New York, 10 jaar geleden zijn zij naar Anchorage verhuisd. We spreken af de volgende middag bij hun koffie te drinken.

De stad heeft niet zo veel te bieden maar we vermaken ons uitstekend door een paar uur de landende en  opstijgende watervliegtuigen te bekijken.

Het is heel gezellig bij de familie, we praten over de kinderen en kleinkinderen. Wat we allemaal nog moeten gaan zien en we boeken ter plekke een boottour in Seward.

In het hotel zijn we weer met de wereld verbonden en werken de website bij

 

Dongola: 25.01.2020

In Sudan zijn de rest van de reis onderweg met 7 auto’s met chauffeur, 1 pick up met kok en hulpkok en extra onze Sudanese gids Mussa.